woensdag 15 september 2010

Taboulé Dorothée



De verhoudingen kunt ge best een beetje naar believen doen: proeven, roeren, nog een beetje van dit, nog een beetje van dat. Zorg er wel voor dat het geen couscous-met-spikkels is; ‘t moet echt een groene salade zijn. Leuk om te maken, hoor. En lekker! ‘t Is natuurlijk het perfecte bijgerecht op een barbecue, maar ook echt pittig en vol genoeg om solo te gaan. Fetakaas smaakt er goed bij.

Voor 4 personen:
200 g couscous
50 g rozijnen
30 g pijnboompitten (kan je vervangen door geschaafde amandelen)
¾ komkommer
1 bosje verse munt
1 bosje platte peterselie
vers citroensap (van minstens 1 citroen)
olijfolie
zout
cayennepeper
Leuke extra: oranjebloesemwater (ik maak ‘m soms met en soms zonder)

1. Doe de couscous met wat zout in een schaal en overgiet hem met kokend water, tot hij net onder staat. Laat hem even wellen, voeg een flinke scheut olijfolie toe en roer hem los met een vork. Laat hem helemaal afkoelen.
2. Laat de rozijnen een kwartiertje wellen in lauw water. Giet ze daarna af en hak ze fijn.
3. Rooster de pijnboompitten in een droge pan, tot hun geur vrijkomt en ze beginnen te bruinen.
4. Schil de komkommer, haal er de zaadlijst uit en snij hem in kleine blokjes (je kan hem ook raspen in de keukenmachine en dan goed laten uitlekken).
5. Hak de kruiden fijn.
6. Roer alles samen en breng op smaak met zout, citroensap, olijfolie, cayennepeper en eventueel oranjebloesemwater.

Een recept van Jonge Sla.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen